6e wedstrijd Wintercompetitie Wantij

terug naar overzicht

Zondag, 21 januari 2018

Zaterdag 20 januari 6e wintercompetitie Het is officieel nu; ik kan niet vissen.









Alle aanschaf van de “juiste” attributen, aassoorten, lokvoertjes, lijndikten, haakmaatjes, onderlijnlengtes, peilingen, hier en daar proberen, regelmatig kleine porties casters en maden werpen ten spijt, ik kreeg “ze” er niet aan…
Kon ook niet zeuren over “het zal wel de verkeerde plek zijn waar ik zit”.
Per slot werd er op nog geen 3, 4 meter afstand van mij ook gevist en daar pikten ze er gedurende de gehele wedstrijd met de nodige regelmaat de een na de ander er uit.
Ook die mannen zaten weliswaar te zeuren dat het deze keer veel en veel minder was en dat het “sleuren en peuren zou worden vandaag”. Maar goed, dat komt dan uit de mond van mannen die bij een minuut geen beweging al vinden dat het errug slecht gaat.
Ik vond mijzelf dan ook geweldig zielig vandaag.
Ik begon een beetje beteuterd om mij heen te kijken.
Daar werd je natuurlijk ook meteen depressief van als je de anderen bezig zag.
Omhoog kijken was ook al geen optie, want somberder dan die dag kon het weer ook al niet worden.
Laat ik maar eens wat gaan lopen en mijn verhaal doen, daar zou ik vast raad en daad krijgen, of tenminste wat steun.
Maar ja die waren toch voornamelijk erg drukjes met hun vis te vangen.
Waren ze dat even niet, klonk er; “hoe ken ut he?”, of “onvoorstelbaar he?”
Ja en als je dan al wat sombertjes bent, vat je zoiets al snel op als ”wat ongelooflijk stupide dat jij niet in staat bent om ze te vangen, kijk eens om je heen man……….
En van om mij heen kijken werd ik al helemaal niet vrolijk!
Ik ging het café maar eens binnen.
Daar zaten, zoals in elk café, dezelfde gezichten, die uit marketing oogpunt “stamgasten” worden genoemd.
Mannen van het ruwe bonken blanke pit soort , het hart op de tong, voor geen kleintje vervaart, die zeggen waarop het staat en zo.
Die zitten hier al jaren te observeren naar de voorbij razende visclubjes met hun verhalen.
Ik probeerde mijn verhaal nog eens, waarbij ik geen detail oversloeg teneinde zo zoveel mogelijk informatie te verschaffen.
Maar meer nog natuurlijk om niet de indruk te wekken dat ik maar zo ff bezig was geweest, dat ik mijn taak als visser serieus nam, dat ik eigenlijk gewoon pech had, een beetje medeleven zelfs nodig had.
Ik besloot mijn verhaal dan ook met; tja ik weet het ook ff niet nu hoor”.
De mannen namen mij nog eens van achter hun borrel en brillenglazen aandachtig van onder naar boven op.
Dat duurde – gezien mijn lengte – natuurlijk nog even, dus ik begon al wat ongemakkelijk heen en weer te schuiven.
De mannen keken elkaar nog eens aan, waarbij gedurende die blikken al overeengekomen leek te worden, wie van hun “namens de groep”, het woord zou nemen.
Langzaam draaide het hoofd van een van de grootste bebaarde mannen naar mij toe die de gevleugelde woorden sprak
”Tja, je ken gewoon nie vissen…..”
Waarna de groep zich onmiddellijk weer met hun eigen gesprek bezig ging houden.
"Ohhhhhhhhh….kay sprak ik, nou bedankt, ik eh, ga even naar het toilet.
En weg was ik!
Gedurende de pauze zat ook alles tegen, er was geen tosti te verkrijgen en er was ook al geen soep.
Daar had ik potdorrie zo naar uitgekeken, en ik had al niet ontbeten en al niets te eten meegenomen, omdat je alle lekkers daar kon krijgen….
De anderen stortten zich op de vet druipende ballen gehakt met bergen mayonaise, waarvan onze ras pessimist Frans al van aangaf; dat je jezelf dan beter direct kan laten aansluiten op de afdeling Cardiologie.
Vandaag was ik het voor een keertje helemaal met hem eens.
Ondertussen was Mario opgestaan, pakte een gitaar uit de rekken en begon Hup Feijenoord Hup te kwelen.
Ik weer af naar het toilet.
Na de pauze bleef mijn dobbertje ook fanatiek boven water, ik had nog niet eens beet gehad!
De anderen waren natuurlijk gewoon doorgegaan.
Na een uurtje maar weer eens een rondje maken.
Theo zag mij aankomen en vertelde enthousiast na de pauze er reeds 54 gevangen te hebben, en haalde er ter illustratie maar nog een boven water.
Ik maakte onmiddellijk rechtsomkeer, ik had daar niets te zoeken..
Terug naar de stek, gaf Mario aan “lekker te vissen”, wat in zijn taalgebruik betekent dat hij minstens een kilo op alle anderen voorligt.
Mismoedig zeeg ik in mijn visstoel.
20 minuten voor het eindsignaal zag ik ineens mijn dobber naar beneden gaan!
Ik haalde op en hij zat er nog aan ook!
En zoals het met alle mannen vergaat die vissen een warm hart toe dragen viel alle ellende ineens van mijn schouders.
Ik wierp snel weer in, en ja hoor weer 1, en zo ging het nog even door zelfs, zodat ik tijdens de weging weliswaar een schamele 60 gr had, maar wel 8 visjes en mijn dag was gered!
Mario werd inderdaad 1e, gevolgd door 2, Theo en 3, Nick Koopmeiners